Uw boekhouding laten doen?

Zorgeloos boekhouden begint hier!


Payrolling: aanpassing ontslagbesluit

27 november 2014

Per 1 januari wordt het ontslagbesluit aangepast om de positie van de payrollwerknemer te verbeteren. Dit betreft een uitwerking van een van de afspraken uit het sociaal akkoord van 11 april 2013. Toen is afgesproken dat de positie van de payrollwerknemer zou worden verbeterd, zodat hij zijn ontslagbescherming gelijkwaardig zou zijn aan die van een gewone werknemer.

Nu is het nog zo, dat als de opdrachtgever zijn opdracht opzegt, de payrollwerkgever bij het UWV om bedrijfseconomische redenen een ontslagvergunning kan aanvragen, die dan doorgaans wordt verleend. Gelet op de specifieke aard van de contractuele relatie tussen het payrollbedrijf, de payrollwerknemer en de opdrachtgever (inlener) en de afspraken die bij het sociaal akkoord van 11 april 2013 met sociale partners zijn gemaakt over de ontslagbescherming van werknemers die via een payrollbedrijf werkzaam zijn bij een werkgever, worden met deze regeling voor hen regels gesteld, zodanig dat hun bescherming tegen ontslag niet afwijkt van de bescherming van werknemers die rechtstreeks in dienst zijn bij diezelfde opdrachtgever. De ontslagregels worden nu zo aangepast dat per 1 januari het beëindigen van een payrollovereenkomst onvoldoende grond zal zijn voor het verlenen van een ontslagvergunning aan het payrollbedrijf. In geval de opdrachtgever (inlener) de payrollovereenkomst beëindigt en de payrollondernemer om die reden een ontslagvergunning aanvraagt, zullen de omstandigheden bij de opdrachtgever bepalend zijn. Dit betekent dat als een opdrachtgever een overeenkomst opzegt, bijvoorbeeld omdat hij meent dat de werknemer onvoldoende functioneert, er alleen dan aan de payrollwerkgever toestemming voor opzegging van de arbeidsverhouding kan worden verleend als aan de voorwaarden voor een ontslag wegens onvoldoende functioneren bij (en door) de opdrachtgever is voldaan.

In de situatie waarin een opdrachtgever een overeenkomst opzegt vanwege het feit dat er onvoldoende werk is, zal aannemelijk moeten worden gemaakt dat het vervallen van een arbeidsplaats bij de opdrachtgever noodzakelijk is voor een doelmatige bedrijfsvoering. Tevens dient de voordracht voor ontslag van de desbetreffende payrollwerknemer in overeenstemming te zijn met de toepassing van het afspiegelingsbeginsel bij de opdrachtgever. De nieuwe regels zullen overigens alleen gelden voor arbeidsovereenkomsten die zijn ingegaan op of na 1 januari 2015. Bron: Min SZW 17-11-2014 (Stcrt 2014, 33286)

Betaalbaar & Altijd Maatwerk voor onze Klanten!