Uw boekhouding laten doen?

Zorgeloos boekhouden begint hier!


Woning boven kantoor nog geen dienstwoning

13 augustus 2014

Indien aan een werknemer een dienstwoning ter beschikking wordt gesteld, geldt een bijteling van de huurwaarde in het economisch verkeer met een maximum van 18% van het jaarloon.

Voorwaarde is wel dat het gaat om een woning die aan de werknemer ter beschikking is gesteld voor de behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. Is dat niet het geval dan is er geen sprake van een dienstwoning.

Een werkneemster is werkzaam in de gehandicaptenzorg, eerst als manager backoffice en daarna als bedrijfsdirecteur. Daarnaast verrichtte zij onbezoldigd werkzaamheden voor een stichting, waarvan haar partner bestuurder was. Deze stichting was aandeelhouder van haar werkgever en eigenaresse van een woning, waarvan het souterrain werd gebruikt door de werkgever en een andere stichting. Deze woning was in 2008 aan de werkneemster ter beschikking gesteld, waarvoor zij maandelijks € 500 huur en € 200 aan energie- en waterkosten betaalde. De werkneemster had in haar aangifte IB over 2008 de woning aangemerkt als eigen woning. Zij heeft met betrekking tot deze woning per saldo € 2.775 als negatieve inkomsten uit eigen woning op haar belastbaar inkomen uit werk en woning in mindering gebracht en geeft een belastbaar inkomen uit werk en woning aan van € 43.226.

Na een ingesteld boekenonderzoek brengt de inspecteur correcties aan, oa. in verband met de woning, en legt een aanslag IB/PVV op naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 103.019 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.988. Voor de woning was de inspecteur uitgegaan van een huurwaarde van € 31.327. De werkneemster is het hier niet mee eens en gaat in bezwaar en beroep. Voor Rechtbank Zeeland-West-Brabant voert zij onder meer aan dat de door de inspecteur aangebrachte correctie voor de woning te hoog is. Zij betoogt dat het gaat om een dienstwoning, zodat voor de berekening van de economische huurwaarde daarvan mag worden uitgegaan van 18% van haar verzamelinkomen over het onderhavige jaar, door haar becijferd op € 45.214, hetgeen neerkomt op € 8.138,52. Hiervan moet dan nog de door haar betaalde huur (€ 6.000) worden afgetrokken). De rechtbank overweegt dat, om de bedoelde bijtelling van 18% te kunnen toepassen, het moet gaan om de bewoning van een woning die nodig moet zijn voor een behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. Van een dienstwoning is sprake in een situatie waarin de werknemer zijn werkzaamheden vanuit de dienstwoning moet verrichten en redelijkerwijs niet kan afzien van gebruik van de ter beschikking gestelde woning.

Als voorbeelden noemt de recht de portierswoning, de woning van de brugwachter of de pastorie. Naar het oordeel van de rechtbank heeft werkneemster, op wie in dit opzicht de bewijslast rust, niet aannemelijk gemaakt dat de woning een dienstwoning is. De werkgever en de stichting hebben het souterrain van de woning in gebruik als kantoorruimte en directiekamer, maar daarmee is nog niet aannemelijk gemaakt dat de werkneemster de woning erboven moest bewonen voor een behoorlijke vervulling van haar dienstbetrekking. Bovendien worden de activiteiten van de werkgever niet in (de nabijheid van) de woning uitgevoerd. Omdat de werkneemster ook niet aannemelijk heeft gemaakt dat de door haar betaalde huurprijs een zakelijke huur was, zoals zij betoogde, laat de rechtbank de correctie voor de huurwaarde volgens de berekening van de inspecteur in stand. Bron: Rb. Zeeland-West-Brabant 10-07-2014

Betaalbaar & Altijd Maatwerk voor onze Klanten!