Uw boekhouding laten doen?

Zorgeloos boekhouden begint hier!


Terugkerende zoon geen kraakwacht

21 augustus 2015

Verblijft men voor enige tijd in het buitenland, dan kan men de eigenwoningregeling voortzetten, mits men de woning niet ter beschikking stelt aan een derde. Een gezinslid, bijvoorbeeld een kind, die in de woning achterblijft is hiervoor geen probleem. Maar was het kind al uit huis, en keert het dan terug, dan wordt het gezien als een derde en kan men de eigenwoningregeling niet voortzetten.

Een werknemer is van januari 2009 tot en met mei 2013 uitgezonden naar het buitenland. Eerst woont zijn jongste zoon, die op het moment van uitzending nog thuis woonde, nog een tijdje in de ouderlijke woning maar vanaf 2010 wordt zijn plek ingenomen door een oudere broer, die destijds al het ouderlijk nest had verlaten wegens studie in Leiden. Volgens de inspecteur kwalificeert de woning nu niet meer als eigen woning, omdat hij aan een derde ter beschikking wordt gesteld. De vader van beide jongens betwist dat: de jongste zoon die ging studeren ruilde van woning met zijn oudere broer, die terugkwam om de woning niet leeg te laten. Als een soort kraakwacht dus.

De vader beriep zich daarbij op een arrest van de Hoge Raad over eigenwoningregeling bij uitzending. De Hoge Raad oordeelde dat een woning niet aan een derde ter beschikking wordt gesteld als de woning niet wordt verhuurd en als niet wordt gedoogd dat derden de woning gebruiken, zoals het geval is bij een kraakwacht. Volgens de rechtbank heeft de vader in dit geval echter niet aangetoond dat de oudste zoon als kraakwacht fungeerde. Eerder lijkt woningruil het hoofdmotief. Hij had zijn studie afgerond en nu mocht zijn jongere broer zijn woning in Leiden betrekken. Bovendien stond de ouderlijke woning de oudste zoon gewoon ter beschikking. Dat de woning daardoor niet onbeheerd bleef, was volgens de rechtbank van bijkomstige aard. Bron: Rb. Den Haag 25-06-2015 (publ. 14-08-2015)

Betaalbaar & Altijd Maatwerk voor onze Klanten!